Fazzoletti met tuinbonenpesto en truffel

Fazzoletti zijn hele dunne, bijna transparante verse pasta velletjes en combineren heerlijk met deze lichte “saus” van jonge verse tuinbonen, lente-ui en basilicum. De truffel is niet absoluut nodig maar maakt het gerecht wel bijzonder en geeft een echt luxe gevoel.

Tuinbonen zijn vroeg in het seizoen het lekkerste en als je je de moeite wilt nemen, dan zou ik ook deze zeker “dubbel” doppen. Wanneer je na het koken, het buitenste velletje van de tuinboon weghaalt zijn je tuinbonen heerlijk zacht en romig en komt de smaak nog mooier naar voren.

Vind je zelf verse pasta maken je te veel gedoe of heb je geen pastamachine, kies dan voor gedroogde pasta. Zelf geef ik dan de voorkeur aan een “lange soort” pasta zoals tagliatelle of fettucini, maar ook soorten zoals farfalle of gigli zijn een goed alternatief. Deze soorten hebben veel ribbels en daardoor een groot oppervlak om de heerlijke pesto het beste op te nemen.

Wat heb je nodig voor fazzoletti met tuinbonenpesto en truffel?
(voor twee personen)

300 gram vers pastadeeg (het recept voor home made pastadeeg vind je hier) of ongeveer 200 gram gedroogde pasta naar keuze
3 lente-uitjes, in stukjes van ca. 2 cm gesneden
1 teentje knoflook, in plakjes
3 eetlepels olijfolie
1 klein bosje verse basilicum, blaadjes geplukt
350 gram verse gedopte tuinbonen
peper en zout
1 kleine zomertruffel (uit een potje), geraspt of een eetlepel truffeltapenade en/of een scheutje truffelolie
evt. wat extra fijn geraspte Pecorino

Bereidingswijze van fazzoletti met tuinbonenpesto en truffel

Maak als eerst een portie verse pasta of kook de kant en klare pasta volgens de aanwijzingen op de verpakking. Bewaar minimaal 200 ml van het (gezouten) kookvocht!!! Maak je de pasta zelf, draai dan de pastavellen uit op de op twee na fijnste stand van de pastamachine en snijd ze in vierkante stukken van ca. 15 cm doorsnee. Kook de vellen in enkele minuten beetgaar, laat ze uitlekken, meng er een eetlepel olijfolie door en zet ze nog even aan de kant.

Breng de tuinbonen aan de kook en laat ze even koken. Jonge tuinboontjes hebben niet veel kooktijd nodig. Laat ze uitlekken en een beetje afkoelen. Maak dan met een scherp mesje een kleine inkeping aan de bovenkant en “druk” het binnenste van het boontje uit de schil.

Bak in een steelpannetje op middelhoog vuur de knoflook en de lente-ui kort aan totdat ze gaan geuren maar niet bruin worden. Voeg dan 150 ml van het pasta-kookvocht toe en laat dit mengsel ca. 5 minuutje pruttelen totdat de uien zacht zijn. Voeg dan ¾ van de tuinbonen toe en warm alles nog een minuutje door. Haal het pannetje van het vuur en doe de basilicum bij de (nog hete) saus. Pureer de saus met een staafmixer en breng op smaak met zout en peper. Verwarm de saus op middelhoog vuur met de rest van de tuinboontjes in een wat grotere (hapjes)pan. Wordt de saus nu wat te dik en niet meer schenkbaar, voeg dan nog een beetje kookvocht toe.

Leg de pasta bij de saus in de pan. Plakt de pasta heel erg, schenk er dan wat (kokend) heet water overheen en haal ze voorzichtig los voordat je ze bij de saus schept.
Roer voorzichtig om en verwarm totdat de pasta weer heet is. Verdeel net voor het serveren de truffel en/of truffelolie over de pasta en bestrooi eventueel met wat geraspte pecorino.